archief
evameijer.nl

 

 

24 mei

Polaroids 1998

 

 

24 mei

Staartje optredens

Voor mijn zomerschrijfstop ingaat, ben ik nog een paar keer live en minder live te zien: vanavond geef ik een lezing bij Spui 25 in Amsterdam. Zondagavond ben ik te gast in het programma Druckfrisch op de ARD (Duitse tv). Eerder die dag geef ik een lezing en workshop bij Een moreel paardenkompas in Bergen op Zoom. 31 mei presenteer ik een paper met de titel Stray agency and interspecies care op de Social Difference and Nature workshop in Edinburgh. En 7 juni geef ik een lezing over dierentalen op het Antropoceen Symposium in Sexyland te Amsterdam.

 

 

23 mei

Den Haag 2003

 

 

22 mei

Een terugreis

1. Ik zit in de trein. We reden net langs een station en ik zag mensen instappen en dacht: ik heb ook zin om met de trein te reizen. Het riep lichte heimwee op. Maar dat doe ik al, ik zit in de trein en ik ben zelfs onderweg naar huis, dus ik ben hier niet, of ben ik hier wel?
2. De treinreis die ik maak is de allerbekendste: die tussen de stad waar mijn ouders wonen en de stad waar ik woon. Ik ging vroeger, toen ik nog in de stad woonde waar mijn ouders wonen, al vaak met de trein naar de stad waar ik woon en deze reis loopt dus als een rode draad door mijn leven (ook al heb ik tijden in een andere stad gewoond, een andere route genomen, alles komt altijd weer terug, maar anders).
3. Misschien is dit alleen het begin van een herinnering.
4. Ik ging toen ik vijftien was met een goede vriendin van me met de trein naar Björk in Ahoy. Zij was haar kaartje vergeten. Hoe kon ze dat vergeten? Ik wachtte in Purmerend tot ze heen en weer was gegaan, we waren nog op tijd. We hadden eerder die dag bij de balie op het station om de route gevraagd, de tijden opgeschreven. Het was een dure reis, wel twintig gulden of zo. De trein stopt nu niet meer in Purmerend.
5. In een veld met schapen staan ganzen, in een veld met paarden hazen.
6. Het is een weekendavond, mensen gaan terug naar huis. Ze hebben fietsen bij zich, koffers, geliefden, honden, breien gesprekken van vaak gebruikte woorden.
7. We blijven na CS in de trein zitten, vanaf Amstel kunnen we lopen. De honden willen eruit. Omdat het druk is, gaan we in het halletje zitten, helemaal aan het begin van de trein. ‘We zijn er bijna,’ zeg ik. Olli gaat voor de deur staan, zijn hoofd raakt hem bijna, alsof hij hem zo open kan laten gaan. Het lukt, een minuut of tien later, we komen altijd aan, al duurt het soms lang.

 

 

21 mei

Wild

Mijn uitgever kocht bloemen voor me. 'Doe maar een beetje een wild boeket,' zei ze tegen de bloemist.

 

 

20 mei

 

 

20 mei

Soorten vragen die ik krijg na lezingen, met voorbeelden

1. De informatieve vraag. ‘Hoe onderzoeken ze de taal van de prairiehonden precies?’
2. De ethische vraag. ‘Hoe moet ik met mijn hond omgaan, nu we dit allemaal weten?’ Mits oprecht gesteld is dit vaak de ontroerendste.
3. De vraag die geen vraag is. Deze komt in verschillende variaties voor. De vraagsteller is in alle variaties in 95% van de gevallen een man.
a) De spirituele variant. De vraagsteller doet zelf aan telepathie met (overleden) dieren, of iets anders dat in relatie staat tot mijn lezing, en wil daar graag over vertellen. Deze vraagsteller praat door tot ik vraag of hij nog een vraag heeft.
b) De denigrerende variant (deze komt na elke lezing langs, de steller is vrijwel zonder uitzondering een witte man tussen de 25 en de 85). De vraagsteller is het niet met me eens en wil me belachelijk maken. Vaak heeft hij geen kennis over het onderwerp maar wel een sterke intuïtie. Hij voelt zich meestal bedreigd (‘ik mag geen dieren meer eten’) en heeft eigenlijk geen respect voor de spreker. Dit blijkt ook duidelijk uit zijn lichaamshouding. Hij luistert vooral graag naar zichzelf en heeft nooit genoeg aan één vraag.
c) In de academische variant is de vraagsteller meestal een witte man van boven de zestig die vanuit zijn eigen denkrichting of werk problemen ziet. Niet het werk dat ik (of wie dan ook) presenteer staat centraal maar zijn eigen werk. Hij steekt na iedere lezing meteen zijn hand op.
4. De monoloog. Op grote conferenties en festivals is er altijd iemand (ouder, sjofel gekleed) die gepensioneerde performancekunstenaar, bioloog of activist is en eigenlijk ook mee wil doen. Het is de kunst deze persoon niet te vaak het woord te geven, omdat alles anders uitloopt. Hier komt de emotie vaak ook om de hoek kijken.
5. De studentenvraag. Dit is een mix van 1 en 3b. De vraagsteller weet iets over het onderwerp en vraagt naar een specifiek detail. Uit het detail blijkt dat hij voornemens is de spreker onderuit te halen. Dat lukt niet, want daar weet hij te weinig voor.
6. De andere vraag. Uit de vraag blijkt dat de vraagsteller niet heeft begrepen waar de lezing over gaat. Maar dat geeft niet. Over het andere onderwerp kunnen we het ook wel even hebben.
7. De persoonlijke vraag. Hoe ben ik hier toch toe gekomen? Hoe combineer ik toch alles wat ik doe? Ik heb ook vogels in de tuin, weet u misschien wat dit of dat gedrag betekent? Kunnen we een keer koffie gaan drinken? Deze wordt gesteld door aardige oudere mensen en door vieze mannen. Gelukkig zijn die groepen goed van elkaar te onderscheiden.
8. De vraag achteraf. Deze vraagsteller durft niets te zeggen in groepen en spreekt me aan als ik mijn jas al aan heb en naar huis wil. Ze durft me ook niet echt aan te kijken, maar praat toch door tot ik zeg dat ik weg moet om mijn trein te halen.

 

 

19 mei

Vanochtend

Zwaluwen scheren over het meer - mug, mug, mug.

 

 

18 mei

Kusjes

Woensdagochtend liep ik hard door het Amstelpark, of eigenlijk jogde ik, niet al te hard, met twee honden. Ik nam een andere weg dan anders en kwam door de Rododendronvallei, die prachtig bleek, vanwege de kleuren (ook hebben sommige planten tot de verbeelding sprekende namen als R. Pioneer). Ze stonden aan een kronkelig vrij donker pad aan de buitenste rand van het park. Wel een aanrader, net als de rest van dat park, dat een jaren zeventig uitstraling heeft maar vooral heel veel verschillende planten.
's Middags kreeg ik met vijf anderen de Praemium Erasmianum Dissertatieprijs uitgereikt in het gebouw van de KNAW, dat uit een andere tijd lijkt te stammen - de stoelen en de muren in de koffiekamer waren met dezelfde stof bekleed, er stonden witte stenen hoofden van vroegere mannen, tegen het plafond in het trapgat waren vogels te zien. In de zaal van de uitreiking hingen portretten van mannen; er was één vrouw te zien, naakt en wulps (vrouwen en dieren doen het goed als ornamenten). Ik kreeg een mooie lofrede te horen en vertelde de mensen over de prairiehonden en hoe het verder moet met de politiek. Er waren lieve mensen gekomen.
's Avonds aten we humus en daarna ging ik weer naar huis. De honden waren heel blij dat ik er weer was. Doris heeft het kusjes geven ontdekt. Ik krijg er ongeveer twee per dag.

 

 

17 mei

Het hoge gras

 

 

16 mei

Humor

Er zijn twee soorten mensen: mensen met wie je kunt lachen en mensen met wie je niet kunt lachen. Er zijn dus twee groepen mensen: mensen met wie ik kan lachen en mensen met wie ik niet kan lachen. Die groepen zijn waarschijnlijk voor niemand precies hetzelfde en misschien veranderen ze door de tijd (voor sommigen). Hieruit kun je concluderen dat er meer groepen mensen dan mensen zijn. De eerste groep is trouwens voor mij veel kleiner dan de tweede en divers qua samenstelling. Verder is een gedeeld gevoel voor humor niet af te dwingen en is gevoel voor humor niet voorbehouden aan de mens, maar daarover een andere keer meer.

 

 

15 mei

Troost

Ik zat toevallig naast Olli toen er in de steeg een rotje werd afgestoken. Hij schrok en sprong zo in mijn armen. Ik pakte hem even heel stevig vast (daar houdt hij normaal niet van) en de angst verdween uit zijn lichaam (normaal blijft die lang hangen, vertrekt hij naar een andere kamer of blijft hij alert liggen met zijn oren omhoog). Het komt niet vaak voor dat je iemand echt kunt troosten, of zelf echt getroost kunt worden. Het verzoende mij met het erge, voor heel even. (Dat kan ook altijd maar heel even natuurlijk.)

 

 

14 mei

Speak II

 

 

13 mei

Speak to me and watch me grow

 

 

12 mei

Nog een keer voor wie het gemist heeft

Mijn artikel The good life, the good death, over euthanasie van en met andere dieren, is hier te downloaden.

 

 

12 mei

Zielige pijl (München)

 

 

11 mei

De wereld is zo groot

1. Ik schrijf dit op het terras van het Haus der Kunst (een van de mooiere musea waar ik ooit geweest ben - de tentoonstelling Blind Faith die er momenteel te zien is, is zeer de moeite waard) in München. Het televisieprogramma Druckfrisch had me uitgenodigd om over de Duitse vertaling van Dierentalen te komen praten dus vanochtend was ik in een soort opvangplek voor boerderijdieren ten noorden van München. Het interview vond plaats op het landje van de grote geiten, die zich toen ik aankwam in de hoek van hun stal ophielden. Ze waren bang voor de camera's, en de uitingen van de cameramannen, die keihard met een emmer biks schudden om ze te lokken, hielp niet mee. Het was een wat stroef interview; de interviewer ging niet in op wat ik zei maar stelde alleen vragen. En het is meestal fijner als de interviewer het (nog) niet met me eens is, dan kan ik meer uitleggen, nu vond hij alles goed. Maar het Duitse publiek weet nu wel van Der Sprachen der Tiere en misschien viel het mee (hij vroeg naar Wittgenstein, dus inhoudelijk was het wel). Na afloop reed ik met de interviewer en regisseur mee naar de stad - we maakten vanwege wegafsluitingen een omweg door talloze dorpen. In de stad gingen we ieder ons weegs - zij gingen vis eten en ik zag een vegan café, waar ik in gesprek raakte met iemand die aan persoonlijke ontwikkeling doet (hij helpt anderen met hun persoonlijke ontwikkeling) - het was wel een goed gesprek, geen onzin. De zon scheen, mensen slenterden langs. Ik at een linzensalade en maakte een wandeling langs de Isar naar het museum. Google maps raakte een beetje van streek omdat ik steeds verkeerd liep, maar de zon scheen zoals ik al zei en alles was zo groen.
2. De taxichauffeur (een Pool) die me aan het begin van de avond weer naar het vliegveld bracht analyseerde de politieke situatie in Europa voor me. Ik was het vrijwel helemaal met hem eens. Ik vind de politieke analyses van taxichauffeurs sowieso vaak goed. Misschien komt dat omdat ze veel tijd hebben om over politiek na te denken en met veel verschillende mensen over dingen praten. Hij vertelde dat zijn langste rit ooit van München naar Hengelo was, waar hij een groep Albaniërs zonder visum heen bracht in 1999. Hij zei ook dat niemand dertig jaar geleden ooit gedacht had dat de grenzen van Europa open zouden gaan en dat ontroerde me - voor hem betekende het veel. En hij vertelde dat de Poolse staatstelevisie de vrijheid in de Benelux en Duitsland met totale minachting beschouwt. Er is ook commerciële teevee maar die is in handen van een vriend van Trump, dus daar schieten ze qua conservatisme nog niks mee op.
3. Op schelpeneilandjes in de Isar lagen 's middags mensen te zonnen. De bomen in de stad waren groot en groen, veel droegen bloesems, overal in de stad waren leuke zithoeken. Achter het museum is een uitgestrekt park, waar ze onder een brug surfen. Dat is nogal een attractie, de brug staat vol met toeschouwers. Het was eigenlijk een dag om in het gras te gaan liggen. Dat is sowieso waar ik zin in heb. Niet in lezingen geven, niet in boeken redigeren, gewoon in het gras liggen en af en toe met mijn voeten in het water. Woordeloze dingen.
4. Een van de varkens vond ons bezoek wel geslaagd. De derde cameraman stond in zijn weitje en hij volgde hem steeds.
5. Kort ergens zijn levert indringende herinneringen op aan kleuren en straten, maar voelt als een droom, als niet-echt.
6. In het vliegtuig terug las ik Dagelijks werk van Renate Dorrestein - ik had het boek speciaal gekocht om op de terugweg te lezen, omdat ik al verwachtte moe te zijn. Het was een goede zet, het was fijn om onderweg naar haar te luisteren. Ik las Dorrestein veel op de middelbare school en daarna nog zelden, maar ze heeft me na het verschijnen van Dagpauwoog nog eens live geïnterviewd en bleek belangstellend en open. Het is een grappig boek, voor schrijvers omdat het herkenbaar is, maar voor de rest van de mensen is het ook een aanrader. Schuin voor me las iemand de krant. Ze las bijna een uur lang dezelfde pagina, iets over een bouwschandaal in het Duits. Bij het uitstappen bleek dat ze een grote rolkoffer bij zich had, waarmee ze goed de loopband kon blokkeren.

 

 

10 mei

Vanmorgen

(Ook plantte ik op deze Hemelvaartsochtend twee aardappels.)

 

 

9 mei

De coywolf

Een paar weken geleden woonde ik een presentatie bij van Clemens Driessen over onder andere de coywolf. Dat dier is zoals de naam al aangeeft een kruising tussen een coyote en een wolf (of een ondersoort van de coyote, daar is discussie over). Ze zijn niet zo gefokt, maar ontstaan op de grenzen van de leefgebieden van deze dieren, waar de soorten elkaar ontmoeten. Ze kunnen zoals coyotes en honden goed leven in menselijke gebieden en als wolven in bossen en op vlaktes. Het is dus eigenlijk een toevallige supersoort, die het bestaan van grenzen tussen soorten in twijfel trekt. Hier kun je meer lezen.

 

 

8 mei

Vakantieplannen

 

 

7 mei

Mijn lievelingsduif

Mijn lievelingsduif is ziek. Al een tijdje. Eerst dacht ik dat ze snel dood zou gaan, maar ze is er nog. Ze is zelf sterk en haar partner ook - hij zorgt zo goed voor haar nu, houdt de andere duiven tijdens het eten bij haar weg en blijft bij haar in de buurt. Ik probeer haar bij te voeren, misschien zou ik haar wel kunnen vangen maar ik ben bang dat ze haar direct zullen laten inslapen en het zou haar ook veel stress opleveren. Ze kan beter hier doodgaan, in de binnentuin waar ze haar hele leven gewoond heeft en alles kent. Ik ken het stelletje al dik zeven jaar en ze was volwassen toen ik haar ontmoette, dus ze is al zeker al bijna acht, misschien wel wat ouder. Vandaag heb ik haar trouwens nog niet gezien, haar partner ook niet, dus ik maak me zorgen - maar het zou, hoe verdrietig ook, voor haar misschien goed zijn om te sterven, ze heeft zo'n mooi leven gehad. Haar vriend blijft dan alleen over. Hij is net zo lief als zij.

 

 

6 mei

 

 

5 mei

Rozenoord

Gisteravond was ik bij de herdenking van de slachtoffers bij Rozenoord, tussen Zorgvlied en het Amstelpark in Amsterdam. Bij Rozenoord zijn ongeveer honderdveertig verzetsstrijders gefusilleerd. De tweede toespraak was van een vertegenwoordiger van een Joodse organisatie, die waarschuwde voor hedendaags antisemitisme. Hij noemde daarbij steeds nadrukkelijk dat het gevaar uit islamitische hoek kwam, waarmee hij onterecht angst voor moslims en moslimhaat aanwakkerde. Het was echt shockerend. Een herdenking is geen gelegenheid om iemands speech te onderbreken, maar na afloop werd hij er gelukkig door verschillende mensen op aangesproken en de toespraak die erop volgde was van iemand die wel begreep dat moslimhaat net zo erg is als antisemitisme. Het was een smet op een verder wel mooie herdenking, hopelijk zoekt de organisatie voor volgend jaar de dialoog.
Na afloop zaten we nog even op een veldje. De zon stond laag en er kwamen konijnen langs, die wonen daar.

 

 

4 mei

Het goede leven en de goede dood

Mijn artikel 'The Good Life, the Good Death: Companion Animals and Euthanasia' is gepubliceerd in Animal Studies Journal en is hier te downloaden en te lezen.

 

 

3 mei

Totem

 

 

2 mei

Anjers waren het geloof ik

Bij de AH op het Amstelstation wilde ik een bosje bloemen kopen. Een van de meisjes achter de kassa begon meteen te schreeuwen dat ik met de honden niet naar binnen mocht. We schreeuwden wat heen en weer en het kwam erop neer dat ik de bloemen niet kon kopen. Het is een inloopwinkel met zelfscannen, ik heb er nooit eerder problemen mee gehad. Ik telde de euro's uit en legde ze neer. 'U heeft ze gestolen. Ik moet ze scannen,' schreeuwde het meisje. 'Nee hoor,' zei ik. 'Ik heb betaald.' Toen liep ik weg. Doris was er een beetje zenuwachtig van.

 

1 mei

Uma

In het ziekenhuis opende ik eerst de gangkast, links naast het bordje met bevalkamer 9 erop. Er kwam een groepje vrouwen in witte jassen aan, die me vroegen waar ik naar op zoek was. De voorste wees me de juiste deur. 'Weet ze dat je komt?' vroeg ze, maar ik had de deur al open gedaan. In het ziekenhuisbed lag mijn zusje met de allerliefste baby ter wereld op haar borst. Ik had het kindje een uur daarvoor door de telefoon al gehoord (ik moest eerst nog een gesprek voeren over honden, als inleiding bij een film in Rialto). En ik kende haar al een tijdje uit de buik natuurlijk. Maar nu was ze er echt, en sinds ze er is, is er iets veranderd, een fenomeen dat ik verder alleen maar ken van de dood. Ze heeft al grote handen en voeten en is heel sterk voor een baby, en alles is nog nieuw.

 

 

30 april

Ik kocht nieuwe planten

De honden vinden het wel vreemd als ik tegen de planten praat.

 

 

29 april

Het andere plantje

 

 

28 april

Koningsdag

'I want to kiss the feet of your dog,' zei de dronken jongen in de steeg. Ik vertelde hem dat dat geen goed idee was. Doris zou hem in zijn neus bijten. Hij bleef maar achter ons aanlopen, mompelend over women who defend dogs en dogs who defend women, tot ik voor mijn deur streng 'wegwezen' zei. Hij bleef nog even staan om te controleren of ik het wel echt meende en droop toen af, langzaam maar gestaag, op zoek naar een andere vrouw of hond.

 

 

27 april

Paarden onthouden je bui

Vanochtend las ik over een onderzoek waaruit blijkt dat paarden de gezichtsuitdrukkingen van mensen onthouden en hun gedrag daarop aanpassen. De paarden kregen kort een foto te zien van een blij of boos gezicht en later zagen ze deze mens in het echt. Bij de ontmoetingen met de mensen van de boze gezichten voelden ze zich ongemakkelijk, wat zich uitte in een gespannen houding en bepaald gedrag. Je kunt hier meer lezen over het onderzoek.

 

 

26 april

Ik droomde over twee watervogels met vreemde gezichten, moeder en dochter

 

 

25 april

De vierenzeventigste dag

Voor het tijdschrift Zin (misschien van deze maand, ik weet het niet) schreef ik een paar verhalen uit het perspectief van een hond. Dit is het begin van het eerste verhaal.

Ik wacht onderaan de trap voor de ingang, in de schaduw van de eik. Mensen passeren me links en rechts, lijken me niet op te merken. Soms laten ze een boterham vallen, die ik snel weg graai. Mussen pikken de kruimels op. Even verderop begint het park, waar we altijd liepen. Achter mij ligt de grote weg. Auto’s rijden af en aan, taxi’s zetten mensen af. De duiven koeren naar elkaar, jongens op scooters rijden te hard over het fietspad. Het lijkt alsof er niets veranderd is. Het is de vierenzeventigste dag dat ik hier wacht. Wachten is niet hetzelfde als blijven. Blijven betekent dat alles nog hetzelfde is, wachten is hopen dat het anders wordt. Mijn wachten begint op blijven te lijken.

 

 

24 april

Plantenbak

Eergisteren viel er een houtduif uit de boom. Hij of zij landde in de plantenbak van de buurvrouw. Ik belde haar omdat de duif misschien gered moest worden, maar het dier schokte nog even en stierf toen. Ik weet niet of het een onfortuinlijke of een fortuinlijke dood was, maar het ging snel, en de duiven hebben hier echt wel een fijn leven, met kameraden en genoeg te eten. De buurvrouw had airbnb-ers in haar huis, dus ik bood aan om de duif weg te halen, maar dat hoefde niet, en net sms'te ze dat ze het zelf gedaan heeft. De kop was van de duif gegeten, door een dier met honger. Mij mogen ze ook wel opeten na mijn dood. Omdat mijn lievelingsduif ziek is, voer ik de duiven hier bij. Soms zitten ze op een rij in de boom achter het huis op me te wachten. Dat ziet er heel gezellig uit, alsof we allemaal toch een beetje bij elkaar horen.

 

 

23 april

Plantje met oranje bloemen

 

 

22 april

Who cares

1. 'Je weet dat ik kapper ben, hè,' zei de overbuurman dreigend. Hij wees naar mijn uitgroei. Ik wist dat niet. Ik ga nooit naar de kapper. Dat zei ik niet. Ik vroeg hem naar de naam van zijn kapsalon. 'Who cares,' zei hij en hij lachte. Hij aaide Olli en noemde hem broertje. In een roman moet je dit soort scènes een doel geven, een logica. Anders schrap je ze. Terwijl het echte leven van absurde sketches aan elkaar hangt.
2. Gisteren zag ik twee buurmannen tegelijk uit hun huis komen. Ze droegen hetzelfde T-shirt met bloemen. 'Leuk T-shirt,' zei de een tegen de ander. De ander had het niet meteen door. Hij had een kind bij zich en leek erg moe. Ze lachten erom.
3. Ik droomde laatst dat ik het geheim van het heelal (het bestaan van alles) ontrafeld had. Ik kon alleen het toeval nog geen plek geven.
4. Tijdens een lezing vroeg een man me of het geen luxeprobleem was om over dieren na te denken. Die vraag had ik alweer een tijdje niet gehad (er zijn ongeveer zeven vragen die ik na lezingen krijg, steeds in een iets gewijzigde vorm, zoals de planten- en insectenvraag (als we rekening met dieren gaan houden waar leggen we dan de grens) en de vraag of eigenlijk opmerking dat mensen roofdieren zijn / dat het de natuur is om andere dieren te eten want allerlei dieren eten zelf andere dieren (deze wordt over het algemeen door een man gesteld) - ik zal eens een lijstje maken van die zeven vragen waar alle andere vragen tot te herleiden zijn). Voor hem is het misschien een luxeprobleem, als ethisch en politiek handelen ooit een luxe is, maar voor de dieren die hij eet niet.
5. Hond V was met me mee naar de lezing. In de trein werd ze flink geaaid, vooral door mannen. Pas op het allerlaatst op de terugweg kwam ze even bij mij zitten. Het was nog licht buiten toen we thuiskwamen, ook al was het al best laat en de terrassen zaten vol met mensen die lichaamsdelen van dieren aten. Echt, ik zag het zelf. Gelukkig hoefden we niet ver.

 

 

21 april

Klein onderwaterschilderij

 

 

20 april

Paardenbloempesto

Vroeger plukten we paardenbloembladeren voor de cavia's, nu gebruik ik ze zelf. Bijvoorbeeld om pesto mee te maken, volgens het recept dat Lisette Kreischer onlangs op internet plaatste. Je kunt ook ander groen gebruiken. Succes!

 

 

19 april

De steppenroller valt aan

Het kleine stadje Victorville in Californië werd overvallen door een invasie van tumbleweed, oftewel steppenroller - mensen belden met het alarmnummer en konden soms letterlijk hun huis niet meer uit. Klik hier voor beeld.

 

 

18 april

Bonnen

Normale mensen maken vaker schoon dan ik. Dat denk ik tenminste steeds, nu ik eindelijk eens grondig aan het opruimen en schoonmaken ben. Het is deels dat ik er geen tijd voor heb, deels dat het me niet interesseert, maar misschien leer ik het mezelf nog. Ik heb me ondertussen in mijn leven al de gekste dingen geleerd. Tijdens het opruimen/schoonmaken van een keukenkastje dat vol zat en zelden nog open ging, vond ik een oude rode portemonnee. Er zaten vooral veel bonnen in waar de inkt van verdwenen is. De achterkanten zijn nog intact - HEMA, Kijkshop, Modern Electronics, Rock Palace - maar de voorkant is leeg (die van de HEMA heeft er magenta strepen voor terug gekregen). Ze slaan ook op spullen die er niet meer zijn, misschien gaan de houdbaarheid van de bon en die van het apparaat gelijk op. Verder zaten er visitekaartjes in (van mezelf, zelfgeprinte uit een tijd dat die heel handig waren) en pasjes. Pasjes kan ik niet weggooien, dus die doe ik in de la die ik volgende week moet opruimen (eerst moet het fornuis nog en de boekenkasten).

 

 

17 april

Het begin van een beeldverhaal

 

 

16 april

Openingen

Iemand vertelde me dat ze werd gevraagd om terug te denken aan een gebeurtenis van lang geleden en dat ze ineens echt terug was op die plek, zich weer zo voelde als toen, en dat gevoel verliet haar lichaam na afloop niet. Het gebeurde bleek niet verwerkt of opgelost - mensen denken graag dat we met dingen in het reine komen (dat je door erover te praten ze af kunt slijten tot ze tandeloos zijn) maar er zijn dingen waarmee je niet in het reine kunt (en hoeft te) komen. Sommige dingen hebben geen nut en zijn alleen maar erg. Daar moeten we niet aan voorbij gaan, dat kan ook niet: ze maken deel uit van wie je nu bent en waar je nu bent (ze zijn ook nooit ver weg, ook niet wanneer je niet aan ze denkt). En we kunnen alleen maar begrijpen waar we zijn door te begrijpen waar we zijn geweest. Maar je hoeft ook niet steeds terug naar waar het gebeurde, als het je niet belemmert en niet definieert. Anders kan je wel blijven huilen. De geesten van vroeger zijn altijd in de buurt, maar je mag ze best negeren. Je kunt ze ook schrijven, over wat er in de tussentijd gebeurd is, en hoe het nou verder moet.

 

 

15 april

Iemand vertelde me dat de honden in Portugal achter je aan sluipen

 

 

14 april

Geheim agent

Onlangs las ik dat schrijver, filosoof en psycho-analyticus Julia Kristeva door de Bulgaarse overheid beticht wordt van spionage. Ze zou begin jaren zeventig gespioneerd hebben voor het communistische regime. Voor wie het werk van Kristeva kent, is dit bericht op zijn minst merkwaardig: zij is extreem kritisch over totalitarisme, ook in het denken. Even voordat ik dit las, las ik een bericht over de interesse van de CIA in Frans poststructuralistisch denken (zoals het werk van Foucault, Barthes, Lacan). Een complotdenker zou zeggen dat Kristeva ten onrechte beschuldigd wordt omdat de powers that be haar denken, dat kritisch is over macht, in diskrediet willen brengen. (Ergens doet dat me deugd, omdat dat erkent hoe machtig anders denken kan zijn.) Waarschijnlijker is dat Kristeva onder druk gezet werd, vanwege de veiligheid van haar familie geen nee kon zeggen, en heeft gedaan wat ze kon om geen informatie te verstrekken. Het zou leuk zijn als iemand er een detective-serie over maakt. Misschien kan ze daarin zichzelf wel spelen.

 

 

13 april

Kraaiennest

 

 

12 april

Aphro-Ism

Deze week ben ik op pad met Syl Ko, die samen met haar zus Aph het boek Aphro-Ism schreef. Daarin laten ze zien hoe de onderdrukking van dieren en bepaalde groepen mensen (zij kijken vooral naar zwarte mensen) met elkaar verweven is. Zij betogen dat het dominante mensbeeld bepaalde groepen mensen uitsluit en niet als echt menselijk beschouwt. Dat is een sociale constructie, geen biologische, want die mensen (vluchtelingen, niet-witte mensen, vrouwen) behoren overduidelijk ook tot de soort mens. Die sociale constructie, die 'anderen' als minderwaardig ziet, treft ook dieren. Die worden ook verdierlijkt, zogenaamd op biologische gronden (ze behoren tot een andere soort), maar eigenlijk vanuit machtsrelaties. Wanneer we tegen racisme en uitsluiting van andere mensen zijn, moeten we dat volgens de Ko-zusters ook uitbreiden naar dieren, die van alle groepen het meest te lijden hebben onder de gefabriceerde tegenstelling mens versus dier.
Woensdag was Syl te gast bij de feministische boekhandel Savannah Bay in Utrecht, dat was zoals altijd daar een heel goede avond. Donderdag en vrijdag geeft ze een lezing en masterclass op de UvA. In Nederland is er weinig aandacht voor dieren in antiracistische kringen en weinig aandacht voor racisme in de dierenbeweging (die heel wit is). Dat is jammer, omdat er theoretische en activistische raakvlakken zijn. Het werk van Syl, Aph en anderen is heel belangrijk omdat het laat zien hoe we verder kunnen denken en ook verder kunnen doen. Ik ben heel blij dat ze naar Nederland kon komen om over het boek te praten en ook met de gesprekken die er tot nu toe gevoerd zijn (over dat het anders moet en hoe het anders kan).

 

 

11 april

Iemand is niet zo happy met deze rugzak

 

 

10 april

Het weefsel van de wereld

De nerven van bladeren die in de tuin liggen en langzaam verdwijnen, de strepen die vliegtuigen door de lucht trekken, de weerspiegeling van bomen in de plassen op het grind, gedachten die uit andere gedachten voortkomen en weer andere gedachten voortbrengen, bewegende en niet-bewegende lichamen, de verte, de diertjes, de rechte lijnen, de wolken, en zo zou ik nog wel even kunnen doorgaan.

 

 

9 april

Een palm voor een muurtje, moet misschien nog ingekleurd

 

 

8 april

Filosofie

Op het terras van het filosofiefestival ruziet een stel voorafgaand aan mijn lezing over het onderwerp ervan. ‘Dieren nemen ook hun verantwoordelijkheid,’ zegt de vrouw geërgerd.

 

 

7 april

De dingen

1. Vanochtend vroeg, het was eigenlijk nog nacht, stond er een man voor mijn raam te hoesten. Het was een rustige hoest, niet heel droog of hard of levensbedreigend, een glaasje water zou al helpen. Ik lag er een tijdje naar te luisteren, het hield maar aan, ik moest er zelf een beetje van hoesten. Op een gegeven moment ging ik uit bed om te vragen of hij ergens anders wilde gaan hoesten. Ik schoof het gordijn open, maar de straat was leeg. Ik speurde de balkons af, ook niemand. Het hoesten ging onverminderd voort. Misschien was het de bovenbuurman, van twee hoog, die uit zijn raam hing te hoesten. Uiteindelijk heb ik mijn oordoppen in gedaan en toen viel ik vrij spoedig weer in slaap.
2. In de metro dronk een jongen vifit uit een pak. Bij het Amstelstation stapte een meisje in met een pak vifit. Ze ging tegenover hem zitten. Af en toe namen ze een slok. Het meisje stapte na een paar haltes weer uit.
3. In de trein zei een jongen dat hij de raarste dag van zijn leven had gehad. Hij vertelde erover tegen de meisjes tegenover hem. Het viel wel mee, hij was alleen zijn jas met zijn autosleutels kwijtgeraakt en daarom moest hij met de trein naar zijn ouders, als dat al raar is.
4. 's Middags hadden de honden en ik een duif gevonden die niet kon vliegen. Zij (ze werd het hof gemaakt door een machoduif toen we haar zagen, dus ik denk dat het een meisje was) was waarschijnlijk door een kat gegrepen en miste nogal wat vleugels. Die groeien wel weer aan. Ze is naar het vogelasiel om bij te komen. Die had pas echt een rare dag waarschijnlijk - eerst al meegenomen door mij, daarna in een kattenmandje met duivenvoer waar ze goed van at, toen met de grote auto mee. Later voelde ik het lijfje van de duif nog in mijn handen, de veertjes en het kleine skelet eronder, dat maakt altijd heel veel indruk.

 

 

6 april

Bert houdt van '

 

 

5 april

Reeksje optredens

April is zoals altijd maand van de filosofie en in die context treed ik de komende tijd her en der in het land op. Hier vind je de hele lijst.

 

 

4 april

Dubbel/half

 

 

3 april

Hond zoekt huis

De mensen die mijn weblog al langer volgen kennen Titan wel, de makkelijke lieve leuke hond die ik tweeënhalf jaar geleden in de opvang had. Hij zoekt wegens omstandigheden een nieuw huisje. Olli was heel dol op hem, maar helaas past hij er hier niet bij. Hier kun je meer over Titan lezen.

 

 

2 april

Op weg naar huis na de hondencursus

 

 

1 april

Acedia

In de vierde eeuw schrijft monnik Johannes Cassianus, een van de woestijnvaders, over het fenomeen acedia - apathie, verdoving of lusteloosheid, ook wel vermoeidheid van het hart genoemd. Deze acedia trof monniken soms als een spirituele crisis, met grote lichamelijke en psychische gevolgen: de monnik heeft genoeg van zijn omgeving en cel, alsof het donker wordt in zijn gedachten; hij wordt lui en wil alleen nog slapen of juist ontsnappen. Het trof de monnik vaak op het midden van de dag het sterkst, als de zon hoog aan de hemel stond. Acedia wordt daarom wel de middagdemon genoemd.

 

 

31 maart

Hond

 

 

30 maart

De Brown dog affair

Op 2 februari 1903 werd een kleine bruine terriër door Ernest Starling en William Bayliss in een onderzoek naar de werking van de alvleesklier voor een publiek opengesneden. Er werden elektroden in zijn nek aangebracht waardoor hij schokken kreeg. Na afloop van het experiment werd de alvleesklier uit de nog steeds levende hond gesneden, waarna hij met een mes gedood werd. In het publiek zaten twee Zweedse feministen, Lizzy Lind af Hageby en Leisa Schartau, die sinds vrouwen toegelaten werden vaker infiltreerden bij medische bijeenkomsten; in totaal woonden ze er meer dan honderd bij. Zij maakten rapporten over hoe de dieren tijdens lezingen en vivisecties behandeld werden, waarin ze onder andere aangaven of de dieren bij bewustzijn waren. De naamloze bruine hond van 2 februari was vastgebonden aan een plank, zijn snuit dichtgebonden met touw, en volgens Lind af Hageby en Schartau bewoog hij in een poging los te komen. Volgens de wetenschappers was hij niet bij bewustzijn. Lind af Hageby en Schartau stelden een rapport op, waarin ze ook schreven dat de studenten joelden en lachten tijdens de bijeenkomst en dat de hond al in een eerder experiment gebruikt was – dat was tegen de regels.
De zaak trok veel aandacht. Er kwam een rechtszaak, die de feministen verloren, en ze besloten een herdenkingsbeeld te plaatsen in een park in Battersea. Het beeld was een doorn in het oog van de geneeskundestudenten, die zich ernstig beledigd voelden, en het leidde tot rellen in november en december 1907. Eerst kwamen de studenten in de buurt van het beeldje protesteren, later ook bij andere lezingen en plekken. In de rellen kwam ze tegenover de antivivisectie-activisten te staan, die werden gesteund door socialisten, marxisten, suffragettes en vakbondslieden. De vakbondslieden hadden weinig op met de suffragettes, maar de zaak van de kleine bruine straathond verenigde ze allemaal tegen de rijkeluiskinderen die de meerderheid van de studenten uitmaakten. Omdat het beeldje constant door minstens zes agenten bewaakt moest worden, besloot het stadsbestuur het in 1910 weg te halen en om te smelten. In 1985 werd er een nieuw beeld geplaatst. De controverse zou de geschiedenis ingaan als de Brown dog affair en wordt nog steeds gezien als een van de belangrijkste gebeurtenissen in de strijd voor een betere positie voor proefdieren.

 

 

29 maart

Fins tafereel

 

 

28 maart

Ei

1. De Finnen denken dat de wereld uit het ei van een brilduiker ontstaan is. De bovenkant van de schaal is de hemel, de onderkant de aarde, de dooier zon, maan en sterren. De brilduiker is een soort eend die in holle bomen nestelt. Bij meren zag ik nestkasten hangen, ongeveer zo groot als die voor uilen of eekhoorns.
2. Ik droomde over een kannibaal die carnaval ging vieren. Hij werd geïnterviewd door een vrouw die hem kwaad maakte en in het volle trappenhuis probeerde hij haar te wurgen. Iemand, misschien was ik het, stak een mes door zijn hand (in de trapleuning) om hem tegen te houden. Het probleem van de droom was dat niemand het erg vond dat hij met carnaval (ver weg) mensen zou vermoorden, maar dat het van de interviewster wel erg gevonden werd.
3. E. vertelde dat ze als kind al veel van muggen hield. Haar moeder vertelde haar op een dag, ze was vijf of zes, dat alleen de vrouwtjes steken, om hun kinderen te voeden. Die zomeravond ging ze stiekem in haar blootje naar buiten en stak ze haar armen uit, zodat de muggen haar goed konden steken. Haar moeder zag de volgende ochtend de bulten, vroeg haar wat er gebeurd was. Ze mocht het nooit meer doen. E. zong ook veel voor god in die tijd, elke avond wel een uur.

 

 

27 maart

Gymapparaat

 


27 maart

De vrouwelijke lever

Er is van alles mis met het internet, maar het is ook een schatkist. Vanochtend dacht ik weer eens aan Charlotte Perkins Gilman (1860-1935), bekend van het verhaal The yellow wallpaper, een feminist die veel publiceerde, onder andere in haar eigen tijdschrift The forerunner, die in een tijd dat dat nog niet gangbaar was van haar man scheidde en vond dat de sociale rollen bepalend waren voor hoe we over mannen en vrouwen denken, en niet de biologische. (Zo schreef ze bijvoorbeeld dat er niet zoiets is als een vrouwelijk brein, dan kunnen we ook wel spreken over een vrouwelijke lever - die discussie wordt nu nog steeds gevoerd.) Online kun je een aantal van haar boeken lezen, bijvoorbeeld hier.

 

 

26 maart

De hondencoupé

De vrouw bij de balie vroeg toen ik mijn kaartje kocht of ik bezwaar had tegen huisdieren. Ik zei van niet.

Toen bleek ik in de hondencoupé te zitten. Het was een heel gezellige reis.

 

 

26 maart

Het een-na-laatste bos

 

 

26 maart

Finnen eten langzaam

Gisteravond gingen we uit eten in Tampere, de grote stad in de omgeving, een fabrieksstadje, bekend om zijn dam. Het restaurant was in een alternatief theater en halverwege het eten begon een open podium met Finse jazz en uitgesponnen soundscapes. De muzikanten waren allemaal heel serieus, lachen doen ze hier trouwens sowieso weinig en ook eten ze heel langzaam. Buiten was het gaan sneeuwen, binnen was alles van hout. Het was een melancholische avond, het is een melancholisch volk, met een hang naar het absurde. En het is lekker rustig, files kennen ze bijvoorbeeld helemaal niet.

 

 

25 maart

Het laatste bos

 

 

25 maart

Suori II

E. woont in een blauw houten huis, met drie Roemeense honden. Ze heeft een groot oud fornuis, de kamer wordt verwarmd door een grote houtkachel met groene tegels. De meubels zijn oud, net als de borden. Centrale verwarming vinden ze iets voor watjes, buiten de stad in Finland, hoewel het soms wekenlang min twintig is. Ik slaap in de kamer, op een matrasje - de eerste nacht sliep een van de hondjes op mijn bed, maar E. heeft liever dat ze bij haar slapen. Dat begrijp ik wel. We kennen elkaar al best lang, maar hebben elkaar nog maar twee keer ontmoet. Tot nu toe is het een goed bezoek. Ze liet me de omgeving zien (inclusief een rijtje bejaardenwoningen ergens in de middle of nowhere in een besneeuwd veld - wij zouden dat zielig vinden) en vertelt over de geschiedenis van het land. Ze woont vlakbij Nokia, van de telefoons, en vertelde dat een van de directeuren van de fabriek gek was op elektrische apparaten. Tot hij er werkte maakten ze kaplaarzen, maar hij wilde in de televisiebusiness. De zaken liepen slecht, ze stevenden op een faillisement af en op een avond besloot hij er een eind aan te maken. De volgende ochtend kreeg de fabriek te horen dat een grote deal met de Zweden doorging, op het gebied van mobiele telefoons.
Verder is het meer een land van bomen dan van mensen. De sneeuw is een van de hoofdpersonen, die blijft meestal liggen tot mei. In het bos vlogen zwanen over, de honden probeerden ze na te jagen, over de grond, terwijl ze zo hoog vlogen dat we ze nauwelijks konden zien.

 

 

24 maart

Suori

 

 

24 maart

Tesla's duif

Nicola Tesla - de beroemde uitvinder en natuurkundige - was zijn leven lang al niet zo gesteld op mensen. Hij zonderde zich meer en meer af, zeker nadat Edison zijn ideeën ten gelde had gemaakt, en woonde in goedkope hotels die hij soms verliet als hij de rekening niet meer kon betalen. Zijn sociale cirkel bestond vooral uit duiven, bij wie hij de meeste dagen in het park doorbracht (hij werd soms ook uit hotels gezet omdat hij de duiven in zijn kamer liet). Er was een witte duif met grijze puntjes aan haar vleugels op wie hij in het bijzonder gesteld was, zelfs zo dat hij haar zijn grote liefde noemde. Op een dag vloog zij zijn kamer in, en hij wist dat ze zou sterven. Er kwam een helder licht uit haar oogjes, helderder dan de helderste lamp, vertelde hij later. Toen zij dood was, wist hij dat zijn werk erop zat.

 

 

23 maart

Helsinki

 

 

23 maart

Het is eigenlijk heel rustgevend om niemand te kunnen verstaan

Reizen heeft iets ouderwets - je fysiek verplaatsen om andere plekken te zien, in plaats van alleen genoegen te nemen met het scherm. Het heeft ook iets futuristisch - door de lucht in een ijzeren machine naar ergens heel anders, een plek die je alleen kent van plaatjes, in een paar uur in plaats van dagen of weken over de grond. We vlogen lang over uitgestrekte plakken ijs met sneeuw, bijna-land, abstracte patronen in wit, donkerder wit, zwart.
In de meeste landen versta ik de mensen wel ongeveer - zo spreek ik geen Spaans maar kon ik in Mexico best begrijpen waar de mensen het over hadden. Fins is me volkomen vreemd. Moi is hoi, snap ik ondertussen, en iemand had het over een panorama, en in de trein zeggen ze iets wat lijkt op 'beste passagiers', maar dat is het wel - het gepraat om me heen is verder ruis, menselijke stemruis (zouden sommige dieren zich zo voelen? en jonge kinderen?). Bij afwezigheid van talige aanwijzingen schakel ik over op visuele: dit lijkt op een plek waar je treinkaartjes kan kopen, dus het zal er wel een zijn, en ik merk het bij de balie. Hier moet je betalen, hier kun je oversteken, kijk, de auto's wachten voor de zebra (zoveel manieren om je te oriënteren / zoveel manieren om gedesoriënteerd te zijn). Verder voelt het behoorlijk Nederlands (qua euro's en stekkers en algehele vibe), hoewel de mensen hier hun hond uitlaten op een groot besneeuwd en bevroren meer, degelijkere schoenen dragen, vogelgeluiden te horen zijn op de toiletten en het allemaal wat kouder is. Ik schrijf dit in het café van het museum voor moderne kunst in Helsinki, Kiasma, een mooi museum waar ik wat mooie dingen zag. Daarna at ik te dure artisjokkensoep en straks stap ik weer op de trein, ditmaal naar Tampere.

 

 

22 maart

Gisteren

 

 

21 maart

De moestuintjes

1. Bij de kassa vroeg ik om een moestuintje. Met een zwaai strooide de caissière acht bakjes tussen mijn boodschappen. Het was de kwade caissière, niet de blije, en ik kon niet inschatten of het uit aardigheid of agressie was.
2. Een vrouw kwam mijn huis opmeten. Ze stond ineens voor de deur, zonder afspraak, en vertelde dat mijn huis nog nooit opgemeten was. Ze nam vrij veel ruimte in, qua bewegingen en uitstraling, ze praatte ook veel. Ik nam een stocïcijnse houding aan, daar ketste het op af. Het meten deed ze met een zwart kastje dat een rode stip op de andere muur projecteerde. Hoe groot het huis was vertelde ze niet. Wel zei ze dat ik de moestuintjes meer water moest geven.
3. Voordat dit gebeurde deelde ik flyers uit bij het station. Dat is altijd een gezellig gebeuren, ter promotie van de democratie en het stemmen. De flyeraar van D'66 wilde met zijn allen op de foto. De mensen van de Piratenpartij deden ook gewoon mee.
4. Ik bevind me zo vaak op de grens tussen het een en het ander: winter en lente, dit en dat, deze fase en die. Ik kan hier misschien beter mijn tent opzetten en blijven.
5. Ik heb de moestuintjes extra water gegeven. Nu zit ik weer achter mijn computer en schrijf ik jullie, een onzichtbaar publiek.

 

 

20 maart

Autopech

De VVD heeft de Amsterdamse autobezitters boos gemaakt. Flyers met de boodschap: 'GroenLinks Amsterdam: Na 21 maart eerst een uur reizen naar je auto' bleken vast te plakken op ruiten en lak en hardnekkige afdrukken achter te laten. Sommige autobezitters willen compensatie voor de schade. Het Parool schreef erover en interviewde onder andere Loef, die nu toch echt op de PvdA stemt. 'Mijn gloednieuwe auto is helemaal vernacheld. Met kleur en al is de flyer in mijn voorruit gedrukt,' zegt Loef. Lees hier meer.

 

 

19 maart

Wachthond

In de hal van het OLVG staat dit beeld (‘zo ziek als een hond’ zei C.). Het is een eerbetoon aan een hond die elke dag voor de deur wachtte toen zijn baasje opgenomen was. De ziekenhuismedewerkers gaven hem te eten. De vrouw die me dit vertelde ('schitterend, hè') wist zijn naam niet.

 

 

18 maart

Vera op de oude leren bank met het witte dekentje

 

 

17 maart

Mammoetboom

Vorige week bracht iemand Alan Wilson onder mijn aandacht. Hij was muzikant (gitaar, zang, mondharmonica) en liedjesschrijver bij zijn band Canned Heat en stierf in 1970 op zijn 27e, een paar weken voor Jimi Hendrix en Janis Joplin. Wilson werd wel Blind Owl genoemd vanwege zijn extreme bijziendheid, en hij hield van de bomen (vooral van sequoia). Soms sliep hij buiten om dichter bij de natuur te zijn. Hij schreef liedjes over ecologie en vervuiling, zoals Poor moon, hier te beluisteren, over eventuele vervuiling van de maan.

 

 

16 maart

A list of things I wanted to tell you

Dinsdagavond sprak ik in de Amstelkerk een laudatio uit voor Ali Smith, over haar werk. Je kunt hem nu online lezen en wel hier.

 

 

15 maart

Protest

Toen ik na het optreden uit Dordrecht thuiskwam, bleef Olli in zijn mand liggen. Dat is meestal een teken dat hij iets opgegeten heeft. Het verbaasde me, ik had alle eetbare zaken goed opgeborgen. Op de grond voor de mand vond ik een paar gemutileerde knuffelbeesten van Doris. Het hoofd was van het lammetje af, van de beer was juist alleen nog het hoofd en een paar voetjes over. Ook had iemand de kokosmat onder handen (of eigenlijk tanden) genomen. Omdat Doris een gevoelige maag heeft - die zou het direct weer overgegeven hebben - moest het Olli wel zijn. Zijn buik was ook dik. Hij sloopt nooit wat, en had ook geen honger, dit was echt een boodschap aan mij: je bent te vaak weg (ik ben nooit zoveel avonden achtereen weg). Olli is nogal stil, hij zal nooit blaffen of moeilijk doen als ik wegga, maar hij is wel gevoelig. Dit was zijn manier om te laten blijken dat hij het onprettig vond. Gelukkig had hij er verder weinig last van, hij poept nu steeds stukjes stof uit. En hij hoefde niet meer alleen te zijn, dus het heeft gewerkt.

 

 

14 maart

Slakkenhuis

Bij de papierbak op het Amstelveld stond een man met twee postzakken. Hij leegde de zakken, leek schichtig om zich heen te kijken, het zag er verdacht uit. Een postbode die geen zin had zijn ronde te lopen? Een papierdief? Toen ik naderbij kwam, bleek het mijn uitgever te zijn; de uitgeverij heeft natuurlijk altijd veel oud papier, kranten en manuscripten. We maakten een praatje over het boekenbal (het zaalprogramma werd dit jaar door niemand gewaardeerd, het hing als los zand aan elkaar en de kwaliteit van de acts liet te wensen over) en het leven. Ik was op weg naar een restaurant om met Ali Smith en nog wat mensen te eten, voordat we die avond moesten optreden (ik las een laudatio voor over haar werk en zij werd geïnterviewd). Zoals altijd was ik de eerste en/of als enige op tijd, iets wat me de tijd gaf de lampen op Delfts blauwe schotels die aan de muur bevestigd waren goed te bekijken. Het gesprek met Ali ging al gauw overal over, soms kun je gewoon in het midden beginnen. Verder bleek haar interviewer nog bij mijn vader in de klas gezeten te hebben en mijn vader bij het optreden aanwezig te zijn en zo werd de avond langzaam steeds spiraalvormiger, bleken woorden steeds naar eerdere woorden te verwijzen en kwam het voor even allemaal goed.

 

 

13 maart

Gewoon maar door bewegen

Ik ben deze week bijna elke avond in een andere stad en krijg zo weer eens een dwarsdoorsnede van de Nederlandse bevolking voorgeschoteld. Ik ben ook steeds op andere plekken (theater, kerk, boekhandel, school), en overal speelt het absurde een rol. Die rol kan klein zijn, in de vorm van iemand die steeds naast je hand grijpt als hij je een hand wil geven, of groter. Ik kom overal iets brengen, iets geven, maar iedereen neemt iets anders mee naar huis. Als ik zelf terug naar huis reis is het koud in de trein, is het uitzicht soms bijna onzichtbaar. Je moet er maar op vertrouwen dat er nog een wereld is, dat alles blijft bewegen. Thuis luisteren de honden naar Radio Decibel, de enige zender die ik goed kan ontvangen, ze zijn altijd blij als ik er weer ben.

 

 

12 maart

Dat vreemde scheve leven

 

 

11 maart

Het spel en de wereld

1. De oudste letter is de o, las ik, die is zo'n 3300 jaar oud. De j is het jongst, die is nog maar 400 jaar oud.
2. Ik kreeg een prijs in een mooi oud theater in Roermond. De honden waren mee, Doris blafte steeds als er geklapt werd. Het optreden van Tom Lanoye vond ze intrigerend. Omdat niemand op zijn geschreeuw reageerde deed ze dat ook niet. Ze begreep daarmee iets van theater.
3. Mijn uitgever vertelde me vrijdag in de rij voor de schouwburg dat Heleen van Rooyen (die voordrong) altijd een paar kipfilets in de ijskast heeft om haar boezem mee op te vullen.
4. Ik maak met woorden steeds een wereld die echter en minder echt is dan de echte wereld. Al die oude letters, al die nieuwe woorden.
5. Al die oude vrienden: boeken, schrijvers, honden.
6. Ergens in een boek ligt de waarheid op je te wachten. Misschien moet je nog heel lang zoeken, maar het is er al, je hoeft het alleen nog te vinden.

 

 

10 maart

Etalage

Bij Athenaeum richtte ik een etalage in met mijn favoriete boeken - het is vooral een uitnodiging om ze te gaan lezen, dus kom langs deze boekenweek. Lees hier de toelichting.

 

 

9 maart

De natuurschrijver als dier

Voor de boekenbijlage van de NRC schreef ik een stuk over schrijven over de natuur (en meer, zoals wat natuur eigenlijk is, romantische afzondering en gender, het diepe donker, ijsbollen en een kikker, met wie het niet goed afloopt). Je kunt het hier lezen.

 

 

8 maart

Een bierdrinkende man op een bankje riep ‘Eric Clapton’ naar me.

 

 

8 maart

Heart Space

Vandaag verschijnt de tweede editie van eco-kunsttijdschrift O, Wonder! Ik interviewde Melanie Bonajo hiervoor over haar bijzondere werk. Op de website kun je meer lezen en het blad bestellen (dat kan ook via de boekhandel).

 

 

7 maart

Olli in zijn wintermand

 

 

6 maart

Grens

 

 

5 maart

Soms heb ik medelijden met mensen die nooit liefde voor een hond zullen voelen.

 

 

4 maart

IJsselmeer

 

 

3 maart

Verdrietig nieuwsbericht

Een paar dagen geleden kantelde een vrachtwagen met kalfjes van nog maar een paar dagen oud op de A16, ze waren onderweg van Noord-Ierland naar Groningen. Ze waren al een hele tijd onderweg (dat vind ik zo erg, die kleintjes met zijn allen in die wagen, die een heel eind moeten reizen om daar na een paar weken dood te gaan). 108 kalfjes stierven, de rest moest verder op transport en zal over een paar weken geslacht worden. Deze kalfjes zien we, miljoenen anderen niet. Koeien zijn 9 maanden zwanger, net als mensen. Deze kleintjes zijn ook gewoon wondertjes, lieve wezens, ze hebben helemaal niks verkeerd gedaan.
Mensen denken dat veganisme moeilijk is of extreem: dat is het niet. Zo'n beetje alles is te vervangen, en als je gewend bent kost het geen extra moeite. De Jumbo bij mij in de buurt heeft zelfs vegan diepvriespizza's. Mocht je vragen hebben: stuur maar een bericht. Organisaties als Eyes on Animals houden veetransporten in de gaten, die kunnen je donatie goed gebruiken. Animal Rights doet goed werk in de slachthuizen en daarbuiten.

 

 

2 maart

 

 

1 maart

Kant